Een breiboek, nog een ander breiboek, koffiebar Maurice in Antwerpen, een tweede koffiebar in Berchem: twee boeken, twee horecazaken en nog 1001 andere ideeën in haar hoofd. Het gaat hard voor Veronique Leysen (29). In 2013 zei ze haar publieke leven vaarwel. Niet langer wrapster bij Ketnet en liever toch geen carrière in de media waar zoveel meisjes van dromen. Véronique werd onderneemster. En niet zonder succes, zo blijkt. We spreken af in haar gezellige koffiebar in Berchem.

Véronique, waarom maakte je in 2013 zo’n radicale keuze?
“Ik had het gevoel dat mijn verhaal ten einde liep bij Ketnet, ik kon er mijn ei niet meer kwijt. Regelmatig breide ik tussen mijn presentaties door en dat was ook een uitgeverij opgevallen. Ze namen contact met me op, net toen ik mijn ontslag had ingediend, en van het één kwam het ander. Eigenlijk kon ik amper breien, maar ik heb me er als een maniak in verdiept en dat boek gemaakt.”

 

Zelf gaan shoppen of eens een andere koffiebar bezoeken, nee, dat doe ik al lang niet meer

 

Hoe ben je dan met je eigen zaak gestart?
“Een beetje naïef eigenlijk. Ik had mijn breiwerk, Maurice Knitwear, maar geen winkelpand waar ik mijn product kon verkopen. Dus besloot ik om met mijn laatste 5000 euro spaargeld een caravan aan te schaffen en koffie aan de man te brengen. Tegelijkertijd zou ik er ook mijn breiwerk kwijt kunnen.”

 

breien

 

Het werd meteen een succes?
“Het was niet evident in het begin. Ik heb enorme investeringen gedaan, me door de eerste maanden moeten spartelen en toen ik bijna kopje onder ging, heb ik een enorme gok gewaagd. Er kwam in de zomer van 2014 een pand vrij op het gelijkvloers waar ik woonde en toen heb ik beslist om een koffiebar te openen.”

Een grote stap, niet?
“Mijn lief (presentator Thomas Vanderveken, red.) verklaarde me gek: ‘Ga je nu weer met iets nieuws beginnen. Dit gaat fout aflopen.’ Want je moet weten: op dat moment gaf ik styling en make-up aan winkels, breicursussen, ik deed van alles om rond te komen en opeens wilde ik een eigen horecazaak. Ik heb mijn zin doorgedreven en het was meteen een gigantisch succes. Elke dag zat de koffiebar bomvol. Een gok, maar soms moet je die durven nemen.”

 

Net toen ik bijna kopje onder ging, heb ik een gigantische gok gewaagd

 

Een nieuwe zaak, dan heb je toch wat startgeld nodig. Waar vond je steun?“Ondernemen was nieuw voor mij. Nu heb ik de indruk dat er allerlei initiatieven rond start-ups bestaan, dat je subsidies kan aanvragen. Een goede zaak, uiteraard. Ik had dat misschien beter ook gedaan, maar het moest allemaal zo snel gaan. Er zat amper drie weken tussen het idee van de koffiebar en de opening ervan. Zo zit ik nu eenmaal in elkaar, bij subsidies moet je geduld hebben. Ik raad anderen wel aan om zo’n aanvraag in te dienen, iets planmatiger te werk te gaan, maar zelf is dat zo mijn ding niet.”

Je vroeg amper financiële steun. Hoe ben je dan gestart?
“Eerlijk: ik ben begonnen met niets. Er was geen toog en ik gebruikte enkel mijn kleine koffiemachine uit de caravan. Je moet vooral heel creatief zijn als je iets begint, echt onderneemt. Ik ben naar de kringloopwinkel gestapt, heb er producten gehaald uit stock die ze niet meer verkochten, ik vroeg aan vrienden om confituurpotten te bewaren die ik zou gebruiken als glazen. Met een breijasje zag dat er goed uit (lacht). Ik kreeg koffietassen aangeboden, ik zat samen met de mensen van SMEG en kon hun producten gebruiken, ik had een deal met een meubelzaak… Als ik daar nu op terugkijk, tja, dan was dat vooral heel hectisch, heel bric-à-brac, maar we zijn snel gegroeid.”

Het had ook slecht kunnen aflopen
“Klopt, maar het werd een succes en intussen is er een tweede zaak, Maurice in Berchem. Ik werk nu ook meer gestructureerd: ik wist bij die tweede zaak meteen wat ik nodig had.”

 

Personeelskosten in de horeca zijn gigantisch duur. Ik keer ik mezelf daarom al twee jaar geen loon uit

 

Loop je jezelf nu soms niet voorbij. Is het niet té druk?
“Het is niet evident. Ik hou graag de controle en met twee horecazaken is dat niet gemakkelijk. Ik open elke ochtend zelf de koffiebar, start alles op, hol dan naar de tweede zaak, doe er hetzelfde, leid tussendoor mensen op als barista en ’s avonds sluit ik ook weer af. Ik werk zeven op zeven, sta op om zes uur en ben vaak tot twee of drie uur ’s nachts in de weer.”

 

koffie

 

Is er dan nog tijd voor jezelf en je familie en vrienden?
“Ach neen (zucht). Totaal niet. Dat is enige waar ik me niet zo goed bij voel. Ik spreek nog amper af met mijn vrienden. Ze zijn half kwaad omdat ze me nooit zien en naar Maurice moeten komen. Bovendien, als ze er dan zijn, dan doe ik vaak niet meer dan me verontschuldigen: ‘Sorry, ik kom subiet’ en dan komt er weer iets tussen. Het is mijn eigen zaak, ik kan niet zomaar aanschuiven aan tafel, want dan laat ik mijn personeel in de steek. Zelf gaan shoppen of eens een andere koffiebar bezoeken, nee, dat doe ik al lang niet meer.”

Hou je het nog vol?
“Het is mijn passie, ik weet dat ik zo’n druk bestaan nog even aankan, maar ik besef tegelijkertijd ook dat er verandering moet komen en die komt er. Mijn beste vriendin is nu nog aan de slag als leerkracht, maar in januari zal ze me bijstaan. Zij is zeer gestructureerd, zal het personeelsmanagement doen en dan kan ik me meer met het creatieve bezig houden.”

 

Je moet vooral heel creatief zijn als je iets begint, echt onderneemt

Ben je een gelukkige onderneemster?
Absoluut. Ik ben mijn eigen baas, niets moet. Ik doe wat ik wil. Dat is een groot verschil met Ketnet. Ik word niet meer geleefd. In januari zal ik me opnieuw meer met het creatieve kunnen bezighouden en daar kijk ik naar uit.”

Heb je bepaalde tips voor jonge starters?
“Je moet bereid zijn om keihard te werken en je ambitie mag niet zijn om rijk te worden. Kijk, vroeger stapten mensen in de horeca omdat daar veel geld te verdienen viel, tenminste als je bereid was om dag en nacht te werken. Wel met de invoering van de ‘witte kassa’ kan dat niet meer. De personeelskosten zijn gigantisch duur. Maurice in Berchem bijvoorbeeld zit elke dag bomvol, ik zou hier twee vaste personeelsleden willen aanwerven, maar dat is onbetaalbaar. Weet je dat ik mezelf al twee jaar geen loon uitkeer? Iedereen denkt: ‘Ah die heeft twee koffiebars, het geld zal binnenrollen’. Neen dus, het kleine beetje winst dat ik maak, wordt meteen weer geïnvesteerd. Passie is heel belangrijk als jonge ondernemer. En wil je rijk worden, zoek het dan niet in de horeca.”